Trip reports‎ > ‎

Tochtverslag: Zomerkamp 2008

Deze zomer vertrok een delegatie dappere Okawanen naar de Franse alpen. Daar vond het jaarlijkse zomerkamp plaats. In de omgeving van de rivier de “Durance” nabij Guillestre, zijn er genoeg vaarmogelijkheden voor zowel gevorderden als beginners. Daarom zetten we de eerste week onze tenten recht op de camping La Cabane in Saint-Crépin. Onder begeleiding van de “jongens van Riverproof”, Gerben en Roy, vaarden we verschillende passages van rivieren die gelegen zijn in deze omgeving; de Durance, de Guil, de Girone en de Ubaye. Na een week verplaatsen we zuidwaards, naar het plaatsjes Le Lauzet, langs de Ubaye.

Hieronder volgt het verslag van dit onvergelijke zomerkamp! 

Your browser may not support display of this image.



Zaterdag 12 juli ’08

De alpen liggen helaas niet naast de deur, daarom wordt er vandaag gereden. 

Zondag 13 juli ’08

Voor sommigen moet er op deze mooie dag nog steeds gereden worden. Na een veel te lange rit in de auto wacht een heerlijke maaltijd verzorgt door Moers cathering NV. Daarna ontmoetten we “de jongens van Riverproof”. De komende week zullen Roy en Gerben ons begeleiden door de Durance en zijn zij-rivieren, die dit jaar met uitzonderlijk hoge waterstanden zijn uitgerust. 

Maandag 14 juli ’08

Dit is de eerste dag op het water. We varen op de Durance; vanaf het slalombaantje in Argentière, totaan de camping. Onder het keurende oog van Roy en Gerben hebben we eerst ingevaren en technieken herhaald. Na wat uitleg en gepedddel op de baan werd de tocht vervolgd. Het stuk Durance na het slalombaan is een goede oefening op rechtdoor varen en op dobberen door een massa stromend water. Na een paar uur ploeteren over de golfjes en de keien van de rivier hebben we tijd besteed aan veiligheid. Dit houdt in dat we oefenden op het gebruik van een werplijn. Belangrijk hierbij is om de aandacht van de zwemmer te trekken door hem bijvoorbeeld luidkeels te attenderen dat er een lijntje aankomt. Na wat roepen op een lege rivier konden we terug wandelen naar de warme douche op de camping.

Door toedoen van de Franse nationale feestdag zijn we s’avonds aangewezen op blikvoer en andere kant-en-klare kost; gelukkig is dit wel een beetje voedzaam en snel om klaar te maken! Na een klein kampvuur is het tijd om te slapen. 

Dinsdag 15 juli ‘08

Vandaag startte het varen in Guillestre, op de Guil. Deze rivier mondt uit in de Durance. Op de Guil is er qua varen meer variatie in verlijking met het traject van gisteren. Na de uitmonding van de Guil in de Durance passeerden we ook vandaag een slalombaantje, waarin een `vette’ golf ons opwachtte; ideaal om te flatspinnen, blunten, ... Het onder de knie krijgen van de Dufec (ook wel bekend als de ein-mark-tseen) behoorde ook tot de dagtaak. Zwemmen was er helaas ook vandaag bij; gemiddeld ¼ de keer per persoon. De tocht eindigde in het ooit door de plaatselijke gemeente gesloopte `Gat van de Durance’, een gigantische golf/wals mengeling waar tonnen water vanaf stromen. Na een terrasje in Guillestre was het hoog tijd om inkopen te doen, of het wordt teren op brood van drie dagen geleden en (nog eens) bruine bonen uit blik. 

Woensdag 16 juli ‘08

Vandaag hebben we de groep opgesplitst, Harm, Elise en Ton hebben de boven Guil gevaren, dit is een sterk verblokt stuk met veel keerwaters en stenen. Voordat we de boot instapten herhaalde Gerben nog even de slagtechnieken. Even opfrissen wat je allemaal kan doen om niet om te gaan op de sloot, kan nooit kwaad! Onderweg zijn we enkele malen uitgestapt om de passages te verkennen en te oefenen in veiligheid. Dit houdt in dat we onder andere aangelijnd hebben gezwommen en bekeken hebben hoe je het beste een zwemmer zo snel mogelijk op het droge krijgt. De dag eindigde (wat het varen betreft) na enkele stroomversnellinkjes, onder een mooie oude burcht.

Het tweede deel van de groep, Polo en Luuk (van kanovereniging Naviculare), vaarde vandaag de midden Guil; dit is vanaf de grote kloof tot aan het stuwmeer en behoort tot de wildwater klasse IV(+). De tripple shoot hebben we in het begin maar even over geslagen, het risico van de onderspoeling was te groot. Bovendien is het moeilijk om met een groep van drie mensen een goede reddingsoperatie op te zetten. Het verdere stuk bestond uit veel grote blokken en veel overpoors. Als eerste heeft Roy aandacht besteed aan een stukje veiligheid op een rivier van dit formaat; “wat je allemaal moet doen om op het ongehoopte voorbereid te zijn”. Vervolgens hebben we het boofen even herhaald. Boofen is het “springen” over vervallen om over de walsen heen te komen. Bij verschillende passages hebben we gescout, kijken naar onbekende passages is zeer belangrijk, zeker in de alpen waar de rivieren elk jaar weer veranderen. De “blokkendoos”, een rotsenpartij die elke keer uit andere onderdelen bestaat was ons niet de moeite waard. Een flink verval die uitkwam op een grote steen was de enige nette manier om hem te varen, lopen was een mooiere oplossing. Verder kwamen we nog een aantal vervallen met grote walsen tegen en hebben we een aantal onderspoelingen gevaren, een prachtige rivier!

Na een ongeveer strakke uitvoering van een strak plan van auto’s omrijden verenigde de hele groep zich op een terrasje in Guillestre. Daarna was het weer tijd om boodschappen te doen, zodat de dag helemaal afgesloten kon worden met een heerlijke bbq op de camping, samen met de jongens van Riverproof. 

Donderdag 17 juli ‘08

Ook op deze dag zijn we in twee groepen vertrokken, Harm, Elise en Ton hebben de Durance gevaren, van het “Gat van de Durance” tot aan het dorp Embrun. Dit is een mooi stuk rivier. Het begint met een flinke golf/wals (het eerder genoemde “Gat”, dat toen Polo en Roy er twee dagen geleden vanaf vaarden nog een gigantische golf/wals was waar tonnen water vanaf stromen, maar om verhaaltechnische redenen nu gewoon een flinke golf/wals is). Hierna volgen een aantal passages met onder andere een hoop golven, waarbij je jezelf, afgezien van het frisse zoete water, soms wel op de zee waant. Om jezelf niet al te moe te maken, hebben we o.a. geleerd om je peddel in de top van de golf te zetten en jezelf als het ware over de golf heen te tillen.

Ook was dit stuk Durance nuttig om de krachten van het water te testen. Volgens Ton valt het allemaal wel mee tot je het mee maakt. En na het Gat vond hij alles waarbij hij zijn buikspieren moest gebruiken, nogal vervelend. Ook Harm was onder de indruk, en hierbij heeft hij zelfs één van zijn doelen niet gehaald. Harm’s commentaar: “maar het lag aan de boot!” Elise vond vandaag een mooie dag om lekker veel te oefenen met eskimoteren.

Polo is met Ubbo (van Naviculare) en Roy de Guisanne af gevaren, een stuk klasse III+ met leuke vervallen, een aantal stuwen en véél water. Als dag-afsluiter hebben we de Girone er nog achteraan gedaan, een rivier die vanuit een gletsjer wordt gevoed. Kort samengevat; veel water, hoge snelheid, veel blokken, en een leuk stukje rivier om het Durance-dal af te sluiten. Want morgen varen we met z’n allen verder op de Ubaye! 

Vrijdag 18 juli ‘08

Na een dik een uur rijden achter het Dogdesign / Riverproof busje belandden we in Martinez, een plaatsje met minder dan drie inwoners en vier raft-bedrijven langs de Ubaye. Op de verjaardag van Elise mag natuurlijk geen mooie rivier ontbreken. Maar om iedereen op proef te stellen, hebben “de jongens van Riverproof” een iets lastiger stuk uitgezocht. Met verschillende mooie en moeilijke passages als “la salle à manger” (de eetzaal), de “landingsbaan” en de “haaientand”. Deze laatste passage is uitgerust met een steen in de vorm van een haaienvin/tand. Het vrij rustige begin wordt opgevolgd door een prachtig speelgolfje waarin iedereen zijn moves kan laten zien! Daarna volgt de “eetzaal”. Deze passage dankt zijn naam aan de vele grote rotsen, die liggen als tafels waarbij je kan aanschuiven voor een heerlijke portie water. Ook zijn er grote vervallen en op het einde is er een mooie kurkentrekker die eindigt in een wals. Dit alles was geen probleem meer voor ons, eitje. Na een werplijnworp verder zit Elise weer in de boot voor de “landingsbaan”, een snelle passage met een steen in het midden die je de lucht in schiet. Je landt in een mooie kurkentrekker. Deze passage vormt een geschikte plaats om de werplijnen weer tevoorschijn te halen.

Nadat we Harm even kwijt waren (water in de boot) komen we aan bij de “haaientand”, een mooie passage met veel golven en walsen. De weg in de passage is niet overduidelijk en ook al zijn de stenen nog zo groot, ze missen is niet altijd even makkelijk. Na wat kleine vervalletjes komen we aan bij een prachtige kloof met hoge wanden die begroeid zijn met eeuwenoude planten en waarlangs kleine watervalletjes naar beneden stromen. Bovenop wordt de kloof door een prachtig middeleeuws brugje overbrugd. Even verderop stappen we uit, om aan de verjaardagstaart van Elise te beginnen. 

Zaterdag 19 juli ‘08

Deze dag gaat de geschiedenis in als “de brakke lamme zaterdag”. Na een opwarming met de Polo-bal werd de eerste zwemmer al geconstateerd; Harm was even gaan buurten bij de vissen. Uiteindelijk waagden we toch een poging op het baantje van Argentière. Nadat Elise de eerste zes keerwaters gemist had, besloot ze direct te stoppen met kanoën en trachtte ze het zevende keerwater al zwemmend te halen. Ook het zwemmen werd gestaakt en omgeruild voor het schieten van foto’s tijdens het volgende rondje baantje-varen. Een tweede poging van onze vastberade groep resulteerde in een derde zwemmer. Gelukkig weet iedereen (net op tijd) dat een waterdichte zak geen werplijnzak is en ook niet andersom. Alle moeite voor niets, want helaas werd (foton-)gevoelig bewijsmateriaal alsnog door de zwemmer in kwestie vernietigd. Sindsdien heeft de familie Moers het kanoën afgezworen. Er wordt nog een keertje van fotograaf gewisseld, waarna het baantje op een wat meer gestructureerde manier naar beneden wordt gevaren. Maar het rondje daarna wagen enkel Harm en Polo zich aan een snelle race naar beneden. Deze eindigd in een reddingsactie van een fransman die zijn boot niet anders wist te gebruiken dan als drijfhout. Een kilometer later is de zwemmer en zijn boot aan de kant gewerkt. Er wordt besloten de dag maar te laten bij wat het is, en snel terug te keren naar de camping. 

Zondag 20 juli ‘08

Vertrekdag! Dat betekent vroeg opstaan om de Tour de France te ontwijken. Zij die elders andere verplichtingen hebben (Ton en Harm), vertrekken huiswaards. Polo en Elise gaan met Naviculare naar de Ubaye streek.

Na een hoop regenoverlast en problemen met de tour, konden we toch nog een afsluitend drankje in de PMU drinken. Daar kwamen we Gerben en Eefje tegen, die de tour vrijwillig kwamen bewonderen. We komen tot de conclusie dat de Tour naam staat voor een handjevol fietsers en een massa volg-en reclameauto’s. Wanneer de stoet voorbij is getrokken, kon de reis vervolgd worden naar Le Lauzet, een plaatsje naast de Ubaye, waar ons nog meer regen te wachten staat.  

Maandag 21 juli ‘08

Eerst wordt het bovenstuk van de Ubaye gevaren, een klasse II+. Na de middag was het stuk Ubaye vanaf Le Martinet totaan de camping aan de beurt. Voor de onoplettende lezer, dit is dus dezelfde passage als wat we afgelopen vrijdag hebben gevaren, behalve dat we het mooie kloofje stroomafwaards hebben gelaten, om lekker lui naast de tent uit te kunnen stappen. Ook vandaag kruissten we genoeg speelgolfjes. En omdat je nooit genoeg kan oefenen met het gooien van werplijnen werd er stilzwijgend afgesproken een zwemsessie in te lassen bij de goeie ouwe kurkentrekker na de “landingsbaan”. 

Dinsdag 22 juli ‘08

Rustdag! Dus een ideale dag om eventuele vaarpassages te verkennen en “het betere leesvoer voor de kajakker” aan te schaffen in Barcelonette, een stadje dat t.o.v. de camping enige kilometers stroomopwaards langs de Ubaye is gelegen. Passages verkennen daarentegen is makkelijker gezegd dan gedaan; de kloof na Le Lauzet wordt in de literatuur beschreven als een mooie klasse V-VI. Maar vanaf het bruggetje aan de ingang van de kloof is slechts een stukje kloof te overzien. Wantrouwig als we zijn willen we toch zelf zien of het écht wel zo’n mooi stuk Ubaye is als ze beschrijven. We verkennen liever niet direct per boot en dan blijkt er echter maar één weg te zijn die meer overzicht op de kloof kan bieden. Die loopt door een pikdonkere je-ziet-hem-wel-eens-in-een-tekenfilm tunnel. Een bordje aan de ene kant geeft aan dat de tunnel 1720 m lang is. Zelfs (moderne) mobieltjes bieden geen licht in deze duisternis. Aan de andere kant van de tunnel aangekomen, geeft een bordje aan dat hij 1600 m lang is (want zoals je weet is lengte uiteraard geen behouden grootheid langsheen donkere paden). De weg naar het “zicht op de kloof” vervolgt zich langs een steile, semi-aangelegde wand. Van een pad is niet echt te spreken, maar wel vormen gestapelde steenblokken van tijd tot tijd een stuk muur. Stabiel liggen ze niet, en cement ontbreekt. Misschien een oud pad van de eerste Romeinse steengravers? 

Om maar even op de feiten vooruit te lopen verklappen we alvast de planning voor morgen; een deel van de groep vaart de Ubaye vanaf Fresquière totaan Le Martinet. Dit is een pittig stukje klasse V. De rest van de groep zal instappen bij Le Martinet om nog eens de favouriete passsage met de “salle à manger”, de “landingsbaan” en de “haaientand” te varen.

Woensdag 23 juli ‘08

Na een heerlijke bbq en het napraten met grootste verhalen over Fresquière en z’n vervallen zetten we de feiten even voor u op een rijtje:

- 3x zwemmen

- 1001 werplijnen gegooid

- 4x geeskimoteerd 
- 1x ziekenhuis

Een vermoeiende dag dus!

La Fresquière begint direct pittig, om de subgroep niet te groot te maken splitsen we op in twee subsubgroepen. Ubbo, Jeroen en Polo in de eerste groep en Jo, John, Luuk en Rien in de andere groep. Direct bij de eerste passage maakt Jeroen een fout, door de snelle stroming en de hoeveelheid stenen is hij gedwongen te zwemmen. Nadat Ubbo en Polo een eerste werplijn naar Jeroen hadden gegooid kwam de tweede groep aan om te helpen om een aangelijnde zwemmer richting Jeroen te sturen. Na heel wat gedoe is het gelukt Jeroen veilig aan de kant te krijgen, met als enig letsel een hand zo dik als een werplijnzak. Verder is de peddel weg gespoeld en bij het ter perse gaan van dit verslag is hij nog steeds niet teruggevonden (red.). Zo, de eerste zwemmer is afgevoerd naar het ziekenhuis.

Als iedereen een beetje van de schrik bekomen is, wordt er verder gevaren, naar de tweede passage van het stuk; een groot verval met een dikke wals eronder. Enkel met een goede boof-slag was hier fatsoenlijk af te varen. John steekt hem hier diep het water in en wordt gegrepen door de stroming. Een tweede zwemmer. Nadat er voldoende lijnen gegooid zijn, zit John weer terug in de boot.

Er volgen wat pittige walsen, draaiende stromingen en vervallen. Zo kwamen we vervolgens aan bij een pittig verval van ongeveer 1.5 meter met een behoorlijk zog. Door een stuurfoutje van Jo vaart hij het stuk achteruit, alsof het niks is. Toch had hij zich hier in vergist. Ook Jo gaat de boot uit. Gelukkig was de passage na Jo behoorlijk rustig en kon hij zonder problemen gered worden. Nog wat stevige vervalletjes later, komen we aan in Martinet waar de volgende groep ongerust staat te wachten. Het verwachte uurtje werd toch een uur of drie… 

De beste stuurlui staan uiteraard aan wal, we vertellen de feiten vanaf de kant:

De subgroep even bij Fresquière afzetten en een uurtje later met de hele groep vanaf le Martinet samen varen? Nee hoor! Het begon bij de instapplaats.Vanaf de brug was de eerste passage goed te overzien. Er worden rustig wat fotootjes gemaakt van de kajakkers die onder de brug doorvaren. Maar even later zagen we de eerste zwemmer en hadden we zicht op de reddingsactie van Jeroen. Iedereen vroeg zich af wat er nu aan de hand was, waar Jeroen juist zat of was, waarom het zo lastig was alles en iedereen aan de kant te krijgen, … Er werd maar gehoopt dat alles oke was en dat het gooien van de 1001 werplijnen een gevolg was van een ongunstige windrichting. Veel minuten later stapten de eersten weer in de boot en kwam Jeroen terug gewandeld naar de parking. De zes kajakkers vaarden verder en verdwenen uit het zicht. Aan de kant werden lekke plastic zakken geknoopt in een poging een koud-water-compres te maken. De EHBO kitjes kwamen boven en uiteindelijk werd Jeroen naar het ziekenhuis afgevoerd. Tijd om stroomafwaards te rijden naar Le Martinet. Verwacht was dat de subgroep een uurtje later daar zou arriveren. Maar het duurde wat langer en voor sommigen waren het hele spannende minuten! Gelukkig verschenen ze toch in het gezichtsveld. Tijd om bij een boterham even bij te praten over de passage. Vanaf Le Martinet tot Le Lauzet verliep alles prima en er werd niet meer gezwommen. In het kloofje na de camping kon nog genoten worden van het mooie uitzicht. En toen was het geen tijd om uit de boot te stappen. 

donderdag 24 juli 2008

Vandaag hebben we gewoontjes het stuk Ubaye vanaf Le Martinet tot het kleine kloofje met de hele groep te varen. Dit is eveneens de laastste vaardag voor Naviculare. Het heeft al een tijdje niet meer geregent, en dat is te merken aan de rivier; er zijn wat meer stenen zichtbaar en de waterdruk is lager. Gelukkig deden er zich geen vervelende bijzonderheden voor. Onderweg kwamen we Misha en zijn vrienden tegen, die op doortocht waren, en tussendoor even dit stuk Ubaye vaarden. Over de passages gaan we het niet nog een keer hebben, daar is ondertussen al genoeg over verteld. Maar toen we bijna bij het eindpunt waren aangekomen, zonder verdere bijzonderheden te zijn tegengekomen die het waard zijn hier neer te schrijven, werden we plots doch vriendelijk verwelkomt; door een fotogenieke, rasechte berggeit! 

vrijdag 25 juli 2008

Naviculare maakt zich klaar om terug naar huis te vertrekken, dus vandaag varen we nog maar met twee. Omdat we niet genoeg van de Ubaye kunnen krijgen, varen we het stuk Ubaye tussen Le Martinet en het kloofje nog een keer, om het door en door te leren kennen! Derde keer goede keer en vijfde keer?…beste keer? Om het spannend te houden, doen we een botenwissel. En jahoor, dat resulteert dan wel weer in zwemmen!

Vervolgens moesten er tenten afgebroken worden. En zoals iedere keer tijdens dit zomerkamp het geval was als er tenten moesten op-of afgebroken worden, dreigden onweerswolken hun inhoud uit te kappen over alles wat in één week netjes was opgedroogd. Oefening baart kunst en de beste timing is de snelste timing; we waren ze voor! En toen was het tijd om te vertrekken richting een plaatsje dat zich uitstekend leent voor het brandingvarenJ 

Comments